Zondag 25 juli 1948

't Was heel vroeg toen we opstonden. Het was nog behoorlijk donker. Het is hier aardig warm, het scheelt dat je nog op een schip zit. Om 10.00 uur hadden we een kerkdienst. Het was een goede preek en zeer leerzaam. Daarna moest ik in de Pantry werken voor de officieren. We naderen Java, we zitten nu bij een klein eilandje Engano. Om 12.00 uur 393 mijlen afgelegd en een uur tijdsverschil.
Verder 's middags geen bijzonderheden. 's Avonds afscheidscabaret. Het was een leuke avond. Daarna nog even een luchtje geschept.Er stond een stevige wind en in de verte weerlichte het. Nadat ik het een beetje koud kreeg ben ik naar bed gegaan en was weldra in diepen slaap verzonken.


Maandag 26 juli 1948

Het was helder weer, en we vaarden in de straat Soenda. We vaarden langs verschillende eilandjes, en zagen de eerste prauwen met inlanders. We gingen nu recht op Tandjong Priok af. Om 09.30 liepen we de haven in en meerden aan de kade van de R.N.L Nu begon de ontscheping. Aan belangstelling geengebrek. Het wemelde van inlanders. De Lloyd heeft veel van deze mensen in dienst. De ontscheping ging niet vlug. Eindelijk dan was alles van boord en hoorden wij dat we mochten passagieren. Toen zijn we direct gaan scheren wassen en verkleden. Om 14.00 uur gingen we aan wal met ons vijven, dat waren Karel, Henk, Jan, Brekelmans en mijn persoontje. We gingen rustig op weg naar Batavia, maar we moesten liften.

Na een poosje kregen we dan een wagen die naar Batavia ging. Maar hij bracht ons te ver. Zodoende zijn we met de tram gegaan. Toen kwamen we in de winkelwijk. Daar zijn mooie dingen te koop. Pisang hebben we niet vergeten. We hebben ons hartje opgehaald aan ananas, dat is ook goed. Batavia is me niet tegengevallen. Ik had het me zo beetje wel voorgesteld. Het is wel leuk om erdoor te dwalen, je ziet weer eens wat anders, je ziet andere gewoontewetten, 't is interessant en leerzaam. Maar als je er een tijd zit, dan is er niets meer aan.

Toevallig en dat is heel leuk heb ik daar Bob de Wit ontmoet. 't Was jammer dat Leo toen in Bandoeng zat. Maar ja daar is jammer genoeg niets aan te doen. We hebben gezellig met elkaar gepraat en oude dingen naar voren gebracht. We zijn naar het gebouw gegaan waar hij woonde met tien man. Daar beneden hadden ze een kleine kantine. Om 20.00 uur zijn we weer opgestapt en met de bus naar Tandjong Priok teruggescheurd.
Na nog wat geschreven te hebben, hebben we ons bed opgezocht. En zijn we weer rustig
gaan slapen.

 

 6  7  8  9  10  11 12 13 14 15 16

pagina 12