Opgericht:                                         01-09-1946 te  Nijmegen                           

Onderdeel van:                                C-Divisie "7 December"                  

Vertrek IndiŽ:                                  18-10-1946 a/b "Indrapoera"               

Aankomst IndiŽ:                             18-11-1946 Batavia                        

Toegevoegd aan:                             T.T.C. West-Java                           

Ingedeeld bij:                                   3e Infanterie Brigade Groep               

Actiegebied(en):                               Tjiandjoer, Tjirandjang, Tjiamis, Garoet  

Commandant:                                  Lt.Kol P.G. Coopmans   01-09-1946/ 12 -07-1949
                                                            Maj. Th.A.M. Lutkie       12-07-1948/  27-02-1949
                                                            Lt.Kol C. de Jong             27-02-1949/

Gerepatrieerd:                                  24-12-1949 a/b "Waterman"                     
                                                            15-01-1950 aankomst Rotterdam             

Omgekomen:                                   41 man

 Het Bataljon is gevormd uit dienstplichtigen van de lichting '45. Na aankomst werd het bataljon gelegerd in Batavia en ingezet voor wachtdiensten en handhaving van de orde. Ook werd het ingezet bij kleine zuiveringen buiten Batavia.
Op 3 februari 1947 werd het bataljon gelegerd in Tandjong Priok en nam daar de beveiliging van het gehele havengebied over.

Vanaf 2 maart 1947 nam het bataljon het gebied rond Tjirandjang over van troepen van de W-Brigade met o.a. posten te Tjikalong Koelon, Kamoerang, Djati, Tjikidang en Tjikolotok. De nieuwe taak bestond uit het beveiligen van de konvooiweg Buitenzorg Bandoeng in deze sector.

 Tijdens de 1e politionele actie, die startte op 21 juli 1947, had het bataljon de beveiliging overgenomen van de bataljonsvakken van 3-14 RI (Tjipanas) en 3-RS (Tjiandjoer) die in opmars waren naar Soekaboemi. Op 22 juli voerde het bataljon een grote zuiveringsactie uit in het gebied rond Tjikalong-Koelon. Op 27 juli werd het bataljon verplaatst naar Cheribon voor deelname aan de operatie "Venlo". De 2e Cie. werd gelegerd in Tjilimoes.  Op 2 augustus werd Koeningan door de 2e Cie. ingenomen.
Op 3 augustus trok de "gevechtsgroep 3-2 RI" waarbij ingedeeld carriers, mortieren, zware mitrailleurs, Pioniers en Genisten, op naar Tasikmalaja. De 2e Cie., die 's -nachts nog hevige gevechten had geleverd was nog niet fit genoeg om verder op te trekken, bleef achter in Koeningan. Als aanvulling werd een compagnie van 3-14 RI ingedeeld.
Bij Gardoe I kwam de gemotoriseerde colonne bij een vernielde brug tot stilstand. De carriers Pag, zware mitrailleurs, zware mortieren en trucks werden bij de brug achtergelaten. De opmars werd te voet voortgezet. Op 4 augustus werd Kawali en op 5 augustus werd Tjiamis bezet. Op 6 augustus stond men voor Tasikmalaja maar door de hevige tegenstand, en het gemis aan zware wapens, kon de stad nog niet worden ingenomen. Daags daarna werd met steun van een aantal "Mustangs" van het KNILM de weerstand van de TNI gebroken en kon het einddoel Tasikmalaja worden bezet.

 
Na de 1e politionele actie werd het bataljon gelegerd in het regentschap Tasikmalaja en Tjiamis met o.a. posten te Gardoe I, Kawali, Tjiamis en Tasikmalaja. De 2e Cie. was gelegerd in Soemedang en keerde op 1 september weer terug bij het bataljon. Voor het bataljon begon een zeer zware tijd van actievoeren, patrouilleren en zuiveren.
Vooral het openhouden en beveiligen van de convooiwegen vergde het uiterste van het Bataljon. Eind augustus was het detachement te Kawali geheel omsingeld en afgesloten door de TNI en moest wekenlang door de lucht worden bevoorraad. Op 25 september werd Kawali ontzet en overgenomen door een Cie. van 1-11 RI.
Op 15 september werd Tjiamis overgedragen aan 3-14 RI. Het Bataljon had nu "alleen nog maar" het regentschap Tasikmalaja als toegewezen vak.

Nieuwe namen deden hun intrede, Manondjaja, Tjiawi, Singaparna, Radjapolah, Indihiang, Tjikatomas en Karangnoengal. Posten waar permanent of tijdelijk een compagnie, peloton of zelfs een sectie van 3-2 RI gelegerd was.
Ook werden er vele acties gevoerd met soms klinkende namen als "Rotzooi" (12-03-48) en "Moreel" (14-09-48).

 

 

 

Na het "Renveille akkoord" van januari 1948 keerde de rust enigszins terug. Maar ondanks de evacuatie van vele TNI strijders uit het gebied bleven er ook nog vele groepen achter die voortgingen met de strijd, zoals het islamitische Daroel Islam.
Eind 1948 nam de onrust weer toe.
Eind december 1948, kort voor de 2e politionele actie, werd het Bataljon  verplaatst naar het regentschap Garoet met o.a. posten te Tjibatoe, Malangbong, Wanaradja, Sadang, Boenboelan, Pameungpeuk en Tjisoeroepan.

Aan de 2e politionele actie op 19 december 1948 nam het bataljon niet actief deel.

Ook in het nieuwe bataljonsvak werd er weer dagelijks gepatrouilleerd, wachtgelopen, gezuiverd en actiegevoerd. Vooral tegen troepen van de goed getrainde "Siliwangi Divisie" die weer in het gebied terugkeerden na de evacuatie begin 1948.
De laatste grote actie, "Zuid", werd uitgevoerd op 20 juli 1949 ten noorden van Garoet.
Op 24 oktober 1949 nam 4-8 RI het bataljonsvak van 3-2 RI over, en heeft het bataljon vanaf die dag geen eigen patrouillegebied meer.

Op 21 november was nagenoeg  het gehele Bataljon, gelegerd in Batavia. De nog in Garoet achtergebleven troepen van de Verbinding en  Inlichtingendienst arriveerden pas op 14 december.
 

Literatuur:

  1. Dagboek van het 3e bataljon 2e regiment infanterie der 3e Infanterie Brigade Groep 7 december divisie van 1 september 1946 tot en met 31 december 1949. Dagboek bijgehouden door Majoor E.A.C. Weber, z.p., z.j.; 168 blz.

  2. 1 Divisie Ď7 Decemberí 1946-1986.  Schulten, C.M., H.L. Zwitzer en J. Hoffenaar, Amsterdam, 1986; 192 blz.